Artikel: De reddersbehoeften van de coach

Juni 2010

Sommige coaches coachen vanuit de vooronderstelling dat de coachee kwetsbaar is en dat je daarom voorzichtig moet interveniëren. Ze zijn gericht op ondersteuning en voelen zich verantwoordelijk voor de groei en ontwikkeling van de coachee. Bij een dergelijke coachhouding ligt de valkuil op de loer dat je als coach het eigenaarschap van het leerproces weghaalt bij de coachee waardoor hij zich minder zal ontwikkelen.

Omgekeerd zijn er ook coachees die het maar wat goed uitkomt als vooral de coach aan het werk is tijdens de coaching. De coachee wordt niet te veel met zichzelf geconfronteerd en kan lekker achteruit leunen. Dergelijke mechanismen worden samengevat in de reddersdriehoek:

Reddersdriehoek

De werking van de reddersdriehoek
De reddersdriehoek (afkomstig uit de Transactionele Analyse) beschrijft een mechanisme dat zich afspeelt tussen twee personen die wisselen tussen drie posities: de redder, het slachtoffer en de aanklager. Binnen een coachingsrelatie is de meest voorkomende positiestelling dat de coach de redder is en de coachee het slachtoffer (wordt).

 

 

 

Het redden van de coach kan zich uiten op verschillende manieren, zoals:

  • De problemen van de coachee op uw eigen schouders laden;
  • Een analyse geven van wat er aan de hand is;
  • Oplossingen aandragen en adviezen geven;
  • Meegaan met de emoties van de coachee.

Wanneer de coach een tijdlang heeft 'zitten redden' kan hij wisselen naar de positie van de aanklager. Hij gaat de coachee dan bijvoorbeeld verwijten dat hij niets doet met alle gegeven adviezen. Het kan ook zijn dat de coach radeloos uitroept dat hij ook niet meer weet wat hij met de coachee aanmoet; hij is dan naar de slachtofferpositie gegaan. In alle gevallen kan de coachee (onbewust) kiezen, vanuit welke positie hij op het nieuwe gedrag van de coach gaat reageren. De moraal van de reddersdriehoek is dat de coach en coachee samen in het gedragsrepertoire van de drie posities gevangen blijven.

De opbrengst voor de coach
De positie van de redder lijkt op het eerste gezicht een onaantrekkelijke positie voor de coach. U bent hard aan het werk en stopt veel energie in uw coachee. Waarom zitten dan zoveel coaches minstens een deel van de coachingstijd in de reddersrol? Op een onzichtbaar niveau zijn de opbrengsten gigantisch: uw coachee is namelijk heel blij en enthousiast over

  • uw onuitputtelijke geduld en aandacht
  • uw bruikbare adviezen
  • uw invoelingsvermogen
  • uw deskundigheid
  • uw…

Met andere woorden: u als coach oogst als redder veel waardering en erkenning. En daarmee worden veel onbewuste, emotionele behoeften vervuld (tegenoverdracht). Op een onzichtbaar niveau loont het daarmee zeer de moeite om als coach de redder uit te hangen!

Het doorbreken van het patroon
Op gedragsniveau blijft de positiewisseling binnen de reddersdriehoek in stand doordat de coach en coachee verantwoordelijkheden van elkaar (laten) overnemen. Als u als coach het patroon wilt doorbreken zult u de coachee het volledige eigenaarschap voor zijn groei en ontwikkeling moeten (terug)geven.
Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Want bent u bereid om daarmee het risico te lopen dat uw coachee dan in eerste instantie minder enthousiast over u is? Kunt u zichzelf voldoende waardering en erkenning geven, zodat u vrij bent in de interventiekeuze tijdens uw coaching? Een mooi thema om eens te bespreken in uw intervisiegroep met collega-coaches?